|
NCRV in 1986: door Henk Glimmerveen Op zondag 3 september 2000 kregen de drie televisiezenders van de publieke omroep elk een eigen kleur. Op dinsdag 15 augustus maakte de NOS de plannen openbaar. "Er gaat ontzettend veel veranderen", zei netmanager Joop Daalmeijer over de kleuring. Die leek nieuw en revolutionair. Wat bijna niemand weet: de NCRV heeft al in 1986 gepleit voor zenderkleuring op de televisie. De KRO liet zich winnen voor dit idee, maar de toenmalige voorzitter van de VARA, drs. Marcel van Dam, torpedeerde het. Hij verwachtte meer politieke steun voor een zender die gevuld werd door NCRV, KRO, VARA en EO. De VARA won het pleit; de NCRV moest zich wel daarbij neerleggen. In die jaren bestond er nog een Federatie van Omroepverenigingen, een samenwerkingsverband van NCRV, KRO en VARA. De Federatie was tijdens de Tweede Wereldoorlog illegaal opgericht. Lange tijd maakte ook de AVRO er deel van uit, moet toen deze omroepvereniging in de jaren '60 het blad Televizier inlijfde, was zij niet meer welkom. Op 16 april 1986 bood de NCRV een 34 pagina's tellende nota 'Sterkte, Hilversum!' aan de Federatie aan. "Bijdrage voor de discussie in de Federatie van Omroepverenigingen over een 'duaal' omroepbestel", staat er op de kaft. Er leken commerciële omroepen op komst en daar moest de 'publieke omroep' zich tegen wapenen. Een derde televisienet zou de publieke omroep versterken. Een grote handicap vonden de omroepverenigingen de voortdurende onderbreking van hun programma's door de NOS en de kleine. niet-ledengebonden zendgemachtigden. Met een derde net zouden die onderbrekingen niet meer nodig zijn. Dat derde net kwam er inderdaad op 4 april 1988. Tot dan toe hadden de omroepverenigingen vaste en wisselende avonden gehad op zowel Nederland 1 als Nederland 2. Elke omroep vulde steeds een hele avond, afwisselend op beide zenders. De avonden rouleerden ook, zodat elke omroep eens in de vier of vijf weken de zaterdagavond vulde (en dus ook eens in de zoveel tijd elke andere avond van de week). De afdeling Studie, Planning en Onderzoek van de NCRV had al vroeger haar gedachten laten gaan over de invulling van de drie zendernetten. In de nota 'Sterkte, Hilversum' ontvouwde zij het volgende plan:
Het was de bedoeling dat alle omroepverenigingen op elke zender zendtijd zouden krijgen. Zij zouden gehouden zijn programma's te maken die passen bij de kleur van de zender. Dientengevolge zou elke omroep programma's in alle genres maken, zoals de Mediawet ook eiste. Verderop in de nota werd het plan verder uitgewerkt. "Door de invoering van een ontspanningsnet behoeven diegenen die ontspanningsprogramma's wensen, niet uit te wijken naar buitenlandse zenders. Dat gebeurt nu wel, omdat de Nederlandse omroep lang niet op ieder tijdstip ontspanning brengt". Door de kleuring zouden de omroepen ook in prime time informatieve en/of identiteitsprogramma's brengen. "De omroepen hebben dus alle gelegenheid hun identiteit ten volle uit te dragen, ook op gunstige tijdstippen". Op het derde net zou de NOS alle ruimte krijgen om evenementen van allerlei aard rechtstreeks uit te zenden; maar ook de omroepverenigingen zouden daar programma's kunnen brengen. De NCRV wist de KRO te winnen voor dit idee. Toen kwam de vergadering van de Federatie van Omroepverenigingen. Dit orgaan had een sterke positie in het bestuur van de NOS en het was bij voorbaat zeker dat een plan van de federatie uiteindelijk het NOS-standpunt zou worden. Die (besloten) Federatievergadering staat me nog levendig voor de geest; maar ik heb er geen papieren van teruggevonden. Ik kan dus geen datum noemen. De beleidsmensen van de NCRV en de KRO verdedigden met kracht en overtuiging het idee van de zenderkleuring. De bestuurders van deze omroepverenigingen hielden zich een beetje op de achtergrond. Opponent was VARA-voorzitter Marcel van Dam. Hij wilde liever een aparte zender voor de drie leden van de federatie, NCRV, KRO en VARA. AVRO, TROS en Veronica zouden het tweede net krijgen en de NOS, de VPRO en de kleine zendgemachtigden het derde net, was zijn idee. Wij van de NCRV en de KRO vonden een combinatie van de drie federatie-omroepen geen goed idee. Weliswaar werkten we goed samen in de federatie, maar de achterban van de VARA had een heel andere smaak dan die van de NCRV.
De VARA-voorzitter had een heel ander argument. AVRO, TROS en Veronica speelden alle drie af en toe met de gedachte commercieel te worden. Hun inbreng in de publieke omroep was dus onzeker en als één of twee daarvan zouden wegtrekken, zou het kaartenhuis van de gekleurde zenders instorten. De publieke omroep had in het parlement vooral steun van CDA en PvdA. NCRV en KRO hadden banden met het CDA; de VARA met de PvdA. Wat er ook gebeurde, meerderheid van de Tweede Kamer zou een zender met NCRV, KRO en VARA altijd op de been houden. De discussie ging uren door. Geen van beide partijen gaf toe. Toen zei de toenmalige KRO-voorzitter mr. Ben Schmitz dat hij beraad in eigen kring wilde. De KRO'ers trokken zich terug. Na twintig minuten keerden zij terug. Schmitz meldde dat de KRO zich aansloot bij het VARA-standpunt. Enkele minuten later was de vergadering afgelopen. Per 4 april 1988 kregen VARA, NCRV, KRO en EO alle zendtijd op Nederland 1. AVRO, TROS, VPRO en Veronica kregen Nederland 2. Het gloednieuwe derde net was voor de NOS en de zendgemachtigden zonder leden zoals IKON en RVU. Dat systeem heeft ruim twaalf jaar standgehouden. Wel is Veronica uitgetreden en tussentijds zijn enkele omroepen naar een andere zender gesprongen. De NCRV-beleidsmensen die betoogd hadden dat de VARA niet paste bij KRO en NCRV, kregen gelijk. De VARA wilde weg uit dit gezelschap. De AVRO voelde zich niet zo thuis op een zender met de TROS. In de zomer van 2000 leek het of de Raad van Bestuur met een revolutionair plan kwam om de drie zenders te kleuren. Helemaal niet: ruim veertien jaar eerder bepleitte de NCRV al zo'n systeem; daarbij aanvankelijk gesteund door de KRO, maar op een cruciaal moment koos deze voor een andere koers.
|
|