Susan Glimmerveen, schrijfster                 

Genealogie Glimmerveen

e-mail

Susan Glimmerveen op deze website

Opening website

     

Zwaan tussen de eenden

November 2000

door Teunis Bunt

A
ndersen vertelde het ons al: een zwaantje heeft het niet makkelijk tussen de eendjes. Niet alleen de eenden vinden haar lelijk, maar ook de kippen, de kalkoen en zelfs de boerin behandelen haar slecht. Pas als ze tussen haar soortgenoten terechtkomt is ze op haar plaats.

In Kaf, haar debuut, vertelt Susan Glimmerveen het verhaal iets anders. De hoofdpersoon, Roos, weet vanaf het begin dat ze een zwaan is tussen de eenden, een graankorrel tussen het kaf. Ze zit op de huishoudschool en weet dat ze daar niet thuis hoort. Maar voor de buitenwereld blijft ze een huishoudschoolmeisje en voor haar klasgenoten is ze iemand die geen varkens kan vouwen en die een drie haalt voor het tentamen Melitta-koffie zetten. Een uitzichtloze situatie.

Roos komt van een tropisch zwaneneiland, maar ze is terechtgekomen in het eendennest van een plattelandshuishoudschool in Nederland. Ze ervaart de school als bijzonder benauwend. Behalve dat ze intellectueel niet uitgedaagd wordt, ervaart ze de godsdienst ook als star. Daarvan geeft ze 'de bonders' de schuld. Roos' vader zegt: 'Bij de bonders vergeten ze de genade van de Heer'. Ze gaat een paar keer mee met een paar Youth- for-Christmeisjes, maar daar kan ze het ook niet vinden.

Roos is meer geïnteresseerd in de Bijbel dan in het geloof. In haar speciale schrift noteert ze bijzondere woorden. Tussen woorden als 'glucosemobilisatie', 'anticonceptie' en 'pathos' heeft ze ook verscheidene bijbelteksten geschreven. Psalm 69, een bede in doodsgevaar, is voor haar geschreven, zo weet ze zeker. De situaties op de huishoudschool zijn schrijnend, maar ze zijn met een fikse dosis droge humor geschreven. Als Roos in de put zit, omdat ze maar een zes voor haar opstel heeft in plaats van een negen fantaseert ze een gesprek tussen de leraar Nederlands en diens vrouw, waarbij de woordenwisseling over het opstel zo hoog oploopt, dat zijn vrouw die nacht niet bij hem in bed wil slapen. Zulke fantasieën lijken op die van Kees de jongen, ook al zo'n onbegrepen zwaan. De toon ervan doet me eerder denken aan die van Adrian Mole. Een zin als 'Ik weet niet wat er met meneer Van de Heuvel aan de hand is dat hij mijn jeugd nog meer wil bederven' zou zo uit zijn Geheime Dagboek kunnen komen.

Aan Kaf gaat een motto vooraf van Boeli van Leeuwen: ' Alles in het leven is een spel, behalve de eigen dood en het lijden dat eraan voorafgaat. AI het andere is literatuur, een spel van de verbeelding, een zo gewilde toestand. (...) Want men kon nog terug.' Roos heeft haar verbeelding hard nodig om in 'een gewilde toestand' te komen.

Haar verbeelding draait vaak om het tropische eiland waar haar wortels liggen. Ze fantaseert zich een halfoom op het eiland, die verhalen vertelt. Bijvoorbeeld over de slaven die naar de top van de hoogste berg op het eiland klimmen en dan springen. Hun verlangen naar Afrika is zo sterk geworden dat ze zich op de wind mee terug willen laten drijven. Roos, de balling op de huishoudschool, begrijpt die slaven wel.

De afwisseling tussen de eilandpassages en de huishoudschoolpassages is zonder meer een vondst. In de loop van het boek ontstaan er steeds meer dwarsverbanden, waardoor het leven op het eiland een parallelle werkelijkheid wordt. In het slot vallen ze zelfs samen, maar daar wil ik niet te veel van verklappen. Dat mag ik de lezer niet afnemen.

Roos mist in haar bestaan diepte. Ze neemt geen genoegen met de grauwe werkelijkheid die niet verder gaat dan het naaien van een hansopje en het koken van custard. Ze gaat een relatie aan met een wiskundeleraar, komt dronken op school en doet een zelfmoordpoging met een botte schaar, maar ze ontsnapt niet aan haar kleurloze bestaan. De jeugdpsychiater bij wie ze terechtkomt, wil liever praten over wat er de afgelopen tijd gebeurd is dan over de verscheurdheid van de ziel. Voor Roos is de conclusie duidelijk: 'Als ik diepte wil, moet ik die zelf creeren. Als ik een verhaal wil, moet ik het zelf schrijven.' Het enige wat ze overhoudt, is de verbeelding. Daarmee kan ze zich zwanenvleugels aanmeten om zo de eendenwereld te ontstijgen. Haar gedroomde halfoom knikt haar bemoedigend toe.


Staan aan de linker kant van deze pagina koppelingen (links) naar andere publicaties over Susan Glimmerveen? Nee? Klik dan hier.

Terug naar het begin van deze pagina

Schrijfster

Susan Glimmerveen