|
Nee,
niet weer die stropdas...
erst dacht ik:
het bericht van het overlijden, zondagavond, een uitvoerige terugblik
op het leven van de prins en daarna een beeld van
de overlijdensdienst, een kleine anderhalve week later - dat is toch genoeg. De gedachte was ingegeven door al die
onnodige beelden. Op de avond van het overlijden liep telkens weer
de scène van de stropdas over het beeld. Verslaggevers meldden in
rechtstreekse reportages vanaf locaties bij het ziekenhuis en een
paleis dat de verwachte menigte was weggebleven; dat nauwelijks
iemand de deur was uitgegaan om belangstelling te tonen voor... ja,
voor wat eigenlijk? Er was immers niets te zien op straat bij
ziekenhuis en paleis. Dinsdag bracht te NOS-televisie een rechtstreekse reportage van het overbrengen van het lichaam van
prins Claus van het ene paleis naar het andere. Waarom moet dat nu, dacht ik? Iedereen kan zich voorstellen hoe zo'n
autorit verloopt. Maar bij het vervoer van het lichaam van mijn vader en, elf jaar later, van mijn moeder ben ik niet
gaan kijken. Waarom zou ik wel het transport van het stoffelijk
overschot van prins Claus - in een gesloten kist, in een gesloten
auto - moeten
zien?
Maar ik geef nu toe: de televisie moet meer doen dan alleen het begin en het einde. De rechtstreekse uitzending van de
herdenking door ons parlement in de Ridderzaal, woensdagmiddag, moest inderdaad live
en was goed. Er waren warme woorden aan het adres van de overledene,
van de minister-president en van de voorzitters van de Tweede en de Eerste
Kamer .
Zo zijn er meer mooie herdenkingswoorden gesproken, de afgelopen dagen. Er zullen zonder twijfel meer volgen.
De NOS mag ook nog wel meer beelden uit het leven van prins Claus laten zien. Er is een mooie documentaire gemaakt, maar
die werd zondagavond pas na 23.15 uur uitgezonden; veel te laat dus. Ik zag de herhaling de volgende ochtend en vond die
indrukwekkend. Het zou goed zijn als de NOS dat programma nog eens uitzond; misschien op de avond voor de begrafenis.
Sommige dingen moet de omroep maar niet meer herhalen. Ik denk met name aan dat toespraakje waarin prins Claus zijn stropdas
afwierp. Dat was destijds best vermakelijk en dat mochten we na de dood van prins Claus nog wel een keer zien.
Eén keer; niet
twintig of dertig keer. Het leek wel of de prins voor het Nederlandse volk uitsluitend betekenis heeft gehad door het
afzweren van de das. Terwijl zijn betekenis, bijvoorbeeld voor de ontwikkelingsrelatie met Afrikaanse volkeren, en voor
de goede betrekkingen tussen zijn geboorteland Duitsland en zijn latere vaderland, Nederland, groot is geweest.
Prins Claus is de laatste jaren vrijwel uitsluitend in het nieuws
geweest als er iets over zijn ziekten te melden was, en over zijn
verblijf in klinieken en ziekenhuizen. Af en toe was hij ook nieuws
als hij de strijd aanging met roddelbladen die leugenachtige
artikelen over hem en zijn familie hadden afgedrukt. Diezelfde bladen verkopen
nu extra goed met hun al dan niet waarheidsgetrouwe verhalen over de
overledene.
Het leven in Nederland gaat gewoon door. Dat is goed. Maar op deze dagen drukt toch, mede dankzij radio en televisie, de dood
van een geliefde prins een zwaar stempel. Laten de publieke omroep en
de serieuze kranten dan ook waardig rapporteren over de overledene
die bij zijn leven waarschijnlijk nooit geweten heeft wat nu aan het
licht komt: dat hij in brede kring zeer geliefd was.
Donderdag
10 oktober 2002.
De kanttekening, geschreven op de avond
van het overlijden van prins Claus, staat hier.
Hoe ik als eindredacteur van Trouw de geboorte van het eerste
kind van prins Claus en prinses Beatrix in de krant zette, ziet u hier.
|