Signalen uit de familie Glimmerveen

Colofon

Zeg nou zelf...

e-mail

Home

   

Selectie uit de
kanttekeningen
van juni 2004:

Onze kranten worden Brits en moeten veel winst maken. (dinsdag 1 juni 2004)

Oppositie heeft in Nederland weinig in de melk te brokken (donderdag 3 juni 2004)

Wat herinner ik me van D-day, zestig jaar geleden? (zondag 6 juni 2004)

Politiek rumoer bij de aanloop naar de verkiezingen voor het Europese parlement (dinsdag 8 juni 2004)

Nijs treedt af - eindelijk een verstandige stap van deze VVD'ster (woensdag 9 juni 2004)

Van Buitenen is europarlementariër - maar er valt van hem weinig te verwachten (vrijdag 11 juni 2004)

Kerkdag van de Protestantse Kerk in Nederland (zondag 13 juni 2004)

Stroom en gas worden duur betaald (donderdag 17 juni 2004)

Misslag van een verkiezingsonderzoeker (vrijdag 18 juni 2004)

Nooit durfde een partij te kiezen tussen verkeer en milieu. Het CDA doet dat nu wel. Dat is lef hebben. (dinsdag 22 juni 2004)

 

De landing in Normandië

D

e Geallieerde landing op de kust van Normandië, vandaag precies zestig jaar geleden, wordt dit weekeinde op grote schaal herdacht. In juni 1944 voelden we dat de bevrijding van de 'moffen' dichterbij kwam. Maar er veranderde voor ons in Nederland niets. Tot september toen het zuiden bevrijd werd en na de luchtlandingen bij Arnhem het slagveld naast onze deur was.

In juni 1944 woonde ik, een tienjarige jongen, met m'n ouders en drie zusjes in Wageningen. De oorlog werd steeds duidelijker voelbaar. We hadden geen honger, maar ik deed m'n moeder wel pijn toen ik eens verzuchtte: 'Hè, ik zou wel eens zoveel willen eten tot ik genoeg had'. M'n moeder wilde graag dat haar enige zoon tevreden was, maar aan deze wens kon ze niet voldoen.

Die zesde juni dus. We hoorden ervan, maar via omwegen. Televisie bestond nog niet. Onze radio hadden we in 1943 verplicht ingeleverd op het gemeentehuis. Ons dagblad, De Standaard, verscheen nog maar één keer per week: op donderdag (als de nieuwe bonnenlijst gepubliceerd kon worden). Voor ons kinderen ging daarmee ook de spannende strip Inde soete Suyckerbol van de populaire schrijver W.G. van der Hulst op rantsoen. Het echte nieuws dat zonder bronvermelding werd doorgegeven, kwam van de illegale kranten en van Radio Oranje in Londen, waarnaar de weinigen die hun radio niet hadden ingeleverd maar verstopt, stiekem luisterden.

We wisten dat er zwaar gevochten werd op Franse bodem. We beseften dat de geallieerden dichterbij kwamen. Maar vreemd genoeg merkten we daar niets van in onze woonomgeving. In de zomer van 1944 ving ik een opmerking van mijn moeder op terwijl zij wat bijpraatte met de buurvrouw: "In heel Europa wordt zwaar gevochten, maar hier blijft het maar zo rustig". Ze dacht dat de oorlog aan Wageningen, een stille uithoek van de wereld, wel voorbij zou gaan. Vanaf 17 september 1944 wist ze beter: een bombardement (waardoor die buurvrouw op slag gedood werd), een evacuatie, hongersnood, ziekte, op de rand van de dood.

Bij dat stukje verleden sta ik zelden stil. Maar nu die grootschalige herdenking gaande is, probeer ik weer boven te halen hoe ik die 6e juni 1944 beleefd heb. En de periode erna, want tussen nu en 5 mei 2005 valt er nog heel wat terug te denken aan wat zestig jaar geleden in Europa gebeurde.

Zondag 6 juni 2004.

Terug naar het begin van deze pagina.

Kanttekening
van zondag
6 juni 2004