|
Signalen uit de familie Glimmerveen |
||||
|
Selectie uit de
|
Kwaal? Kom maar over half jaar...
Of het dan nog zin heeft? Laat ik m'n verhaal vertellen, in het besef dat u het waarschijnlijk erger heb meegemaakt. De laatste tijd had ik het idee dat mijn bril oud en slecht werd. U denkt nu dat het wel anders zal zijn: dat ik oud en slecht werd. Maar nee, ik merkte dat ik beter zag zonder dan met bril. Sterker: ik zet de laatste tijd m'n bril af als ik de krant ga lezen. Het leek me een goed idee de opticien te raadplegen. Op donderdagmiddag 22 april stapte ik bij hem binnen, zonder afspraak. Hij had onmiddellijk tijd voor een oogtest die een klein half uur duurde. Resultaat: andere brillenglazen en een voorzichtige, maar dringend klinkende suggestie naar een oogarts te gaan, in verband met de aftakeling van het linker oog. Ik moet altijd wel een aarzeling overwinnen voordat ik een medicus benader. Maar ik belde toch maar de oogarts die me eerder heeft behandeld; voor het laatst eind 1994. Ik kreeg een assistente in het ziekenhuis. Nee, de klantengegevens stonden niet meer in de computer. "Die gooien we na een tijdje weg", zei de assistente. "Een afspraak? Ja hoor, ik zal eens kijken wat ik voor u heb", en na een korte pauze: "Dinsdag 2 november, tien over negen". Ze legde me ook nog uit waar ik moet zijn. Misschien kan de behandeling wel meer dan een half jaar wachten. Maar hoe weet die assistente van die oogarts dat? Ze heeft helemaal niet gevraagd (en gehoord) wat de kwaal is. Ik vertelde dit verhaal aan iemand die het sterker heeft meegemaakt. Zij belde eens een gynaecoloog. "Over zes weken kunt u komen, mevrouw". Vijf weken later lag ze na een spoedopname in het ziekenhuis: een operatie redde haar leven. Als ze de afspraak met de gynaecoloog had afgewacht, was ze voordien gestorven. Je zou denken: de medicus die benaderd wordt, bekijkt dezelfde dag of uiterlijk de volgende dag de medische situatie. Dan beslist zij/hij over de urgentie; ergens tussen 'direct behandelen' en 'over een jaar terugkomen'. Maar nee, zo gaat het blijkbaar niet. Zoals gezegd: mijn geval is licht. Mijn leven staat niet op het spel; op z'n ergst kan ik blind worden aan één oog. Maar die oogarts beseft kennelijk niet dat een afspraak over meer dan een half jaar voor de patiënt een chique manier lijkt om te zeggen: 'Gaat u maar op het dak zitten'.
Mijn reactie op de laatste e-mail van een medicus (naam en adres mij bekend):
Ik weet ook niet of mijn probleem urgent is. Zelf zou ik niet eens op het idee gekomen zijn dat ik een probleem heb waaraan een medisch specialist te pas moet komen. Ik merkte slechts dat ik de laatste tijd zonder bril beter zie dan met mijn vijf jaar oude brillenglazen; reden om naar mijn opticien te gaan. Hoewel ik daar geen afspraak had, bleek hij direct tijd te hebben voor een oogmeting van een klein half uur. Die opticien constateerde dat ik andere brillenglazen moet hebben en zei verder, voorzichtig formulerend maar toch dringend, dat zich in mijn linkeroog verschijnselen voordoen die een medische ingreep vereisen. Vandaar zijn suggestie een oogarts te raadplegen. Dat ik geschokt was toen ik de telefoon neerlegde, kwam door de reactie van de assistente in het ziekenhuis die de telefoon aannam. Ze vroeg niet wat eraan mankeerde; hoorde alleen van mij dat de opticien een bezoek aan de oogarts urgent achtte en meldde vervolgens (op 22 april) dat ze me noteerde voor dinsdag 2 november, 09.10 uur. De volgende dag - toen ik nieuwe brillenglazen bestelde - zei ik tegen de opticien dat ik overwoog de afspraak af te zeggen. Hij drong er sterk bij me op aan dat niet te doen. Zelf heb ik het gevoel: beter blind aan één oog dan me zo'n behandeling laten welgevallen. Gelukkig heb ik nog een half jaar om na te denken of ik de afspraak al dan niet afzeg. Ik moet erbij zeggen dat wij geen goede ervaring hebben met een oogarts (niet deze, maar een hoogleraar in Utrecht). Mijn vrouw had - zo'n twintig jaar geleden - een beginnende staar aan één oog. De hooggeleerde vertelde dat er sinds kort een Amerikaanse behandelmethode beschikbaar was die fantastisch werkte: een kleine operatie, enkele dagen in het ziekenhuis en daarna was er geen bril of contactlens meer nodig: het oog zou zo helder worden als van een pasgeborene. Zij onderging de behandeling. Twee dagen leek het inderdaad een succes. Daarna begon het oog te vertroebelen. Pas toen hoorden we dat de nieuwe methode een kans op succes had van 90%. Helaas: mijn vrouw hoorde tot de 10%. Met dat oog ziet ze dus sindsdien niets meer. Korte tijd later moest ook het andere oog behandeld worden. Die behandeling ging via een traditionele werkwijze. Ze heeft nu voor dat oog contactlenzen en een bril. Daarmee ziet ze redelijk. Het is voor ons pijnlijk te bedenken dat ze met beide ogen goed had kunnen zien als die Utrechtse professor/oogarts toen geen patiënten nodig had gehad om de nieuwe, Amerikaanse uitvinding op uit te proberen. Hij had ons trouwens wel tevoren mogen zeggen hoe groot de kans op succes was en wat het gevolg was bij mislukking. Mijn huisarts heeft zich nog nooit beziggehouden met m'n gezichtsvermogen. Ik vind het dan ook tamelijk onzinnig om hem te vragen de behandeling urgent te noemen. Waarom zou hij dat deskundiger kunnen doen dan de opticien? Hij heeft in elk geval minder instrumenten voor oogonderzoek. En bovendien: ik hoor en lees dat huisartsen het bijzonder druk hebben. Waarom zou hij dan nog eens tijd aan me moeten besteden, alleen om de oogarts tot enige spoed te manen? Ik weet dat vele medici tot over hun oren in het werk zitten. Ik zou er begrip voor hebben als mijn oogarts had gezegd: 'Helaas, ik heb geen tijd. Zoek maar een andere oplossing'. Nu kreeg ik de indruk dat hij over ruim een half jaar vijf minuten voor me inruimt omdat het niet chique is om te zeggen: 'Gaat u maar op het dak zitten'. Maar gevoelsmatig kwam het wel op hetzelfde neer. Ik ben in het algemeen niet zo'n liefhebber van 'de markt'. Maar ik vind het wel opvallend dat de opticien - die vele concurrenten heeft hier in het dorp - direct veel tijd voor me had; terwijl de oogarts (met een zeker monopolie hier in het ziekenhuis) het zich kan permitteren patiënten op de lange baan te schuiven." |
|